Persoonlijke groei

home      teambuilding      coaching      training/workshop      wie ben ik      contact

Persoonlijke groei, een keuze of een noodzaak

Als je er over nadenkt is er niets belangrijker dan je persoonlijke ontwikkeling, naast je inzet voor de medemens.
Veel mensen willen gelukkiger zijn. Wat er in feite gebeurt is dat zij vast komen te zitten in hun bekende patronen. Vaak hebben ze zich  neergelegd bij hun huidige levensomstandigheden.
Die zogenaamde tevredenheid is in feite vaak alleen een angst om weer te falen en mensen verschuilen zich dan achter een masker van realisme en nuchterheid.
Het is heel belangrijk om tevreden te zijn, want met een ontevreden houding bereik je niet zoveel in het leven. Maar als je je 100% tevreden voelt, stop je met groeien en als je stopt met groeien, glijd je eigenlijk alleen maar af.

Onze maatschappij is zo op zekerheid gebaseerd dat we massaal in onze bekende patronen zitten. Door omstandigheden worden we er af en toe vanaf gebracht, bijvoorbeeld bij tegenslagen.
Wat je kunt doen is om zelf je patronen te doorbreken in plaats van achter de feiten aan te blijven hollen.
Pas als je je belemmeringen en blokkades overwint, kom je er achter wie je werkelijk bent.
De menselijke psyche is behoorlijk complex. We bezitten allemaal een basisangst van waaruit we een afweermechanisme hebben ontwikkeld.
Maar er huist een enorm potentieel in ons. Wat mensen kunnen is echt ongelofelijk, maar wat ze er daadwerkelijk mee doen is vaak teleurstellend. Mensen zijn tot heel veel in staat. Je ziet het vaak in crisissituaties: onder hoge druk komen er enorme krachten in ze vrij.
Waarom zou je wachten tot er zich zulke extreme situaties voordoen als je ook gewoon meer van je potentieel kunt inschakelen?
Vooralsnog is het belangrijk dat we onze doelen en zetten en onze tegenslagen overwinnen. Zo kunnen we groeien en onze emotionele intelligentie ontwikkelen.

De succesvolste mensen zijn vaak niet eens erg realistisch. Ze hebben een droom of een visie en handelen daar ook naar.
Met een al te realistische houding sluit je vaak grote successen uit.
Hoe breng je jezelf terug naar de mogelijkheid om weer te dromen? Martin Luther King en Ghandi hadden een droom.
Ray Kroc, de topman van McDonald’s, Freddy Heineken, Albert Heijn en Jan Timmer (voormalig topmanager van Philips) hadden ook een droom en een visie. Ze stelden heel hoge eisen aan zichzelf om die droom te verwezenlijken, maar ook aan hun omgeving.
Als zij waren blijven hangen in hun rationalisme, dan waren ze nooit zover gekomen.
Probeer daarom steeds je voorstellingsvermogen te voeden en je creativiteit de ruimte te geven.

Wat houdt ons dan toch zo van die groei af?

 Als je je lichaam ziet als een huis met verschillende verdiepingen, dan ga je vaak dezelfde verdieping in en op die verdieping open je steeds dezelfde deur.
Het is natuurlijk ook helemaal niet vreemd: van kind af aan, werden we geprezen als we goed opletten in onze lessen, als we ons huiswerk hadden gemaakt, als we een goed rapport hadden. En wat stond er zoal op het rapport: vrijwel allemaal cognitieve vakken en dan ook nog orde en netheid. Maar hoe je met jouw gevoel of met anderen om moet gaan?
Als je je hoofd ziet als de zolder van het huis, dan zitten de meesten van ons bij voortduring op zolder. Op deze zolder staan boekenkasten met enorm veel boeken. We hebben namelijk veel gelezen en veel gestudeerd. Kennis is macht en meten is weten…
De zolder is voorzien van een dakkapel en van daaruit kijken we met een verrekijker hoe het met de rest van de wereld gaat.
Vanuit het zolderraam is een touwladder. Daardoor kunnen we snel naar beneden als iemand “help” roept en met het laddertje aan de buitenkant weer snel onze zolderkamer op.
In de vloer van de zolder zit een luik. Een luik dat eigenlijk doorgang zou moeten geven aan de etage eronder, maar bij de meesten van ons zit dat luik behoorlijk vastgeroest. De ruimte die je via het luik zou moeten bereiken is vochtig, er staat zelfs schimmel op de muur en er is al jaren niemand meer geweest. Af en toe voelen we vanaf de zolder wel eens iets onaangenaams, maar daar stappen we weer gauw overheen. 

Luister eens naar interviews op radio of tv, of het nu kunstenaars zijn of politici, het lijkt wel of er op het woord “ik” een straf moet volgen.
Onze premier had een vraaggesprek toen hij ontslagen was uit het ziekenhuis. “Tja, dan heb JE last van JE voet en voor JE het weet, word JE opgenomen in het ziekenhuis..” Alsof het een algemeen iets is. Iets wat dus met iedereen zo gebeurt. “Je” staat dan voor “men”.
Nu is het in onze cultuur ook van oudsher niet netjes om “ik” te zeggen. Denk maar eens terug aan hoe we brieven schreven.
“Beste Piet, Ik…” Helemaal fout. Hoort niet. Nee, het moest zijn: “Beste Piet, Hoe is het met jou? Met mij gaat het goed..” en daarna mocht je met de ikken komen.
Door de (toch wel heel foute) teksten: “Doe maar gewoon, dan doe je gek genoeg” of “Als je voor een dubbeltje geboren bent, dan word je nooit een kwartje” zijn mensen ook niet direct aangemoedigd om hun nek uit te steken.
Toch zullen we ermee moeten beginnen. Tenminste, als we ons willen ontwikkelen.
Ont-wikkelen, dat is eigenlijk waar het om gaat. Doordat we maar op die zolderkamer bleven en almaar met ons hoofd bezig waren, is ons leven alleen maar ingewikkeld geworden, terwijl als we bij “Ik” willen uitkomen, de wikkels eraf moeten.
“Ik” heeft alles te maken met zelfbewustzijn. “Ik ben die ik ben” is de kern waarmee we ooit begonnen zijn en van daaruit is er een start gemaakt met ons dingen af te leren. “Grote jongens huilen niet”, “Doe eens zachtjes, wat moeten de buren wel denken” en als we in de klas wat al te enthousiast meezongen, dan moesten we maar achterin gaan staan. Het credo was zachtjes doen en niet al te gek, vooral niet overdreven.

 In mijn praktijk krijg ik veel coach-cliënten. Vaak lopen ze met een ongemak met iets of iemand of met zichzelf. De meesten kunnen praten als Brugman, maar vraag ik na een poosje naar hun gevoel… “Wat voel je dan, als dat gebeurt?” “Nou, dan heb je het gevoel dat je niet serieus wordt genomen.” “Je?” “Eh, ik.” “Het gevoel? Wat je noemt is het idee. Je hebt het idee dat je niet serieus wordt genomen.” Daarna noem ik een aantal gevoelswoorden op: blij, opgelucht, ontroerd, verdrietig, boos, teleurgesteld… Dat wordt lastig.
Dan merken we dat het leren van vroeger, althans op deze punten, vooral af-leren was en dan vooral de spontaniteit en creativiteit.
De fantasie en creativiteit bracht kinderen juist veel vindingrijkheid. Niets is te gek voor een kind.
Maar hoe snel is iets te gek voor ons?
De dogma’s en dooddoeners van vroeger, die lijken we af en toe met een aan gulzigheid grenzende graagte te hebben overgenomen.
Vaders of andere invloedrijken in een kinderleven, hoefden maar één keer te zeggen: “Dat kan je toch niet”, “dat lukt toch niet” of “dat red je toch niet’, en het heeft bij velen een krater in hun kinderziel geslagen, waar ze rest van hun leven nog “plezier” van hebben.
Er hoeft zich dan maar een situatie voor te doen waarin het kind, of het tot volwassene uitgegroeide kind, zich onzeker voelt en meteen komt één van bovenstaande “antwoorden” al via het interne kanaal op: “Dat kan je toch niet..”, waardoor het vaak ook niet eens meer geprobeerd wordt. 

Nu hoeven we niet meteen kinderachtig te worden, maar een kinderlijkheid, passend bij onze leeftijd, kan toch wel heel verfrissend zijn.
Ons zelfbewustzijn kan vergroot worden. We moeten (weer) weten wat voor vlees we in onze eigen kuip hebben.
En hoe kom je daar achter? Niet door op zolder te blijven en nóg meer slimme boekjes te lezen, maar door voorzichtig te kijken of dat luik nog open kan. En als het dan open is, het ook open laten staan zodat er weer wat frisse lucht bij kan in de etage eronder en dan eens kijken hoe het er daar uitziet. Hoe zou het zijn als er een mooi en gezellig behang op de muren zou zitten, een zacht tapijt op de vloer, een open haard met een vachtje ervoor en lekker ruikende bloemen? Een plek waar je je thuis kan voelen en alleen maar jezelf hoeft te zijn.
Zelfverzekerd doen, zoals dat in veel “manlijke” organisaties wordt verwacht heeft niets met zelfvertrouwen te maken. Het is vaak een pose. Een soort harnas dat alleen maar stugge bewegingen kan maken, vaak nog één kant op, en je niet de ruimte geeft om te groeien.
Zelfbewustzijn is een goede start om van daaruit te komen tot zelfvertrouwen en van daaruit tot vertrouwen.
En vanuit zelfbewustzijn, kom je ook weer bij je authenticiteit en echtheid want die heb je nodig voor intuïtie.
Ik las eens een Loesje-tekst, die was als volgt: “Wees jezelf, er zijn al zoveel anderen..” en, als je dat dan bereikt hebt nog een mooie die voor veel mensen passend is: “Iedereen vindt mij geweldig… nou IK nog.”
Gun jezelf het plezier en gemak van alleen maar te hoeven ZIJN. Als je een leider of manager bent, hoef je je in wezen alleen nog bezig te houden met het grote geheel en daar kun je geweldig plezier hebben van je intuïtie!
Droom, zoals de groten der aarde deden. Zie voor je wat je wilt bereiken en wees je daarin bewust van jezelf. Ontspan je en onhoud: je hebt twee oren en één mond en dat is niet voor niets. Iedereen die niet auditief gehandicapt is kan horen, maar niet iedereen kan luisteren.
Luister daarom op verschillende niveaus naar anderen, maar vooral ook naar jezelf en naar je ingevingen.